Openen in Map Viewer

Beschrijving kaartlaag

Deze kaartlaag vermeldt voor S4 de jaarlijkse extra nationale kosten per ton CO2-reductie. Deze zijn berekend door het verschil in nationale kosten tussen referentie 2030 en H16 te delen door het verschil in berekende CO2 uitstoot tussen referentie 2030 en H16. Merk op dat het verschil in berekende CO2 uitstoot afwijkt van de CO2-uitstoot in het startjaar, die bovenaan de set buurtabellen is vermeld. Dat verschil ontstaat door vermindering van de warmtevraag als gevolg van de verwachte stijging van de buitentemperatuur vanaf het startjaar. Deze indicator H17 helpt strategieën en buurten te selecteren waar de CO2-uitstoot het meest kosten-efficiënt is te reduceren.

Gerelateerde kaartlagen

Beschrijving strategie 4

Strategie 4 is een strategie op basis van duurzaam gas: groengas of waterstof. Deze strategie heeft 2 varianten: 4a en 4b.

Variant S4a
Bij variant S4a worden de gebouwen tot schillabel B geïsoleerd. Binnen het gebouw wordt een hybride warmtepomp geplaatst, die warmte levert tot het gewenste temperatuurniveau voor ruimteverwarming en warm tapwater. De standaardradiatoren hoeven niet te worden aangepast. Het elektriciteitsnet moet voor deze variant mogelijk verzwaard worden. De levering van aardgas wordt vervangen door de levering van groengas of waterstof. Indien gebruik wordt gemaakt van waterstof zijn aanpassingen nodig aan de gebouwinstallaties en de gasinfrastructuur.

Variant S4b
Bij variant S4b worden de gebouwen tot schillabel D geïsoleerd. Binnen het gebouw wordt een hybride warmtepomp geplaatst, die warmte levert tot het gewenste temperatuurniveau voor ruimteverwarming en warm tapwater. De standaardradiatoren hoeven niet te worden aangepast. Het elektriciteitsnet moet voor deze variant mogelijk verzwaard worden. De levering van aardgas wordt vervangen door de levering van groengas of waterstof. Indien gebruik wordt gemaakt van waterstof zijn aanpassingen nodig aan de gebouwinstallaties en de gasinfrastructuur.

Beschrijving referentiebeelden R23 en R30

De actualisatie startanalyse 2024 maakt gebruik van twee referentiebeelden: één voor de huidige situatie (startjaar 2023) en één voor de referentiesituatie in 2030. De kosten van de aardgasvrije strategieën, maar ook de kosten van de huidige situatie (2023) worden afgezet ten opzichte van het referentiebeeld 2030. Dit noemen wij de extra nationale kosten van strategieën in 2030 (of van de huidige situatie in 2023) t.o.v. het referentiebeeld 2030.