Openen in Map Viewer

Beschrijving kaartlaag

Deze kaartlaag vermeldt voor S2 hoeveel van de energielevering (H08) voort komt uit benutting van omgevingswarmte, die met name wordt gebruikt door warmtepompen, en het verlies van warmte aan de omgeving door warmteleidingen, wat vooral gebeurt bij warmtenetten en gasketels. Door de benutting van de omgevingswarmte kan dit getal een negatieve waarde hebben. Deze kaartlaag is onderdeel van de berekening Energielevering(H08) := aardgas(H09) + duurzaam gas(H10) + elektriciteit(H11) + MT-warmtebron(H12) + LT-warmtebron(H13) + overig(H14).

Gerelateerde kaartlagen

Beschrijving strategie 2

Strategie 2 is een strategie op basis van een warmtenet met een midden- tot hogetemperatuurbron. Deze strategie heeft zes varianten: S2a, S2b, S2c, S2d, S2e, S2f.

Variant S2a
Bij variant S2a wordt het gebouw verwarmd met een warmtenet gevoed door warmtebronnen met warmte van 70°C of hoger, zoals bijvoorbeeld restwarmte van de industrie. De gebouwen worden tot schillabel B geïsoleerd. Met dit isolatieniveau is de warmte met het temperatuurniveau van 70°C direct geschikt voor zowel ruimteverwarming als warm tapwater. Hierdoor hoeven de standaardradiatoren niet aangepast te worden. Het elektriciteitsnet hoeft voor deze variant niet verzwaard te worden. Ten slotte worden het gasnet en alle gasaansluitingen verwijderd..

Variant S2b
Bij variant S2b wordt het gebouw verwarmd met een warmtenet gevoed door geothermiebronnen die aardwarmte leveren van 70°C of hoger. Niet overal in Nederland is bekend of de ondergrond daarvoor geschikt is. In deze variant wordt alleen gebruikgemaakt van gebieden waar voldoende informatie over de ondergrond beschikbaar is.* De gebouwen worden tot schillabel B geïsoleerd. Met dit isolatieniveau is de warmte met het temperatuurniveau van 70°C direct geschikt voor zowel ruimteverwarming als warm tapwater. Hierdoor hoeven de standaardradiatoren niet aangepast te worden. Het elektriciteitsnet hoeft voor deze variant niet verzwaard te worden. Ten slotte worden het gasnet en alle gasaansluitingen verwijderd.

Variant S2c
Bij variant S2c wordt het gebouw verwarmd met een warmtenet gevoed door geothermiebronnen die aardwarmte leveren van 70°C of hoger. In deze variant worden ook gebieden meegenomen in de berekening waarvan niet bekend is of de ondergrond geschikt is voor geothermie.* De gebouwen worden tot schillabel B geïsoleerd. Met dit isolatieniveau is de warmte met het temperatuurniveau van 70°C direct geschikt voor zowel ruimteverwarming als warm tapwater. Hierdoor hoeven de standaardradiatoren niet aangepast te worden. Het elektriciteitsnet hoeft voor deze variant niet verzwaard te worden. Ten slotte worden het gasnet en alle gasaansluitingen verwijderd.

Variant S2d
Bij variant S2d wordt het gebouw verwarmd met een warmtenet gevoed door warmtebronnen met warmte van 70°C of hoger, zoals bijvoorbeeld restwarmte van de industrie. De gebouwen worden tot schillabel D geïsoleerd. Met dit isolatieniveau is de warmte met het temperatuurniveau van 70°C direct geschikt voor zowel ruimteverwarming als warm tapwater. Hierdoor hoeven de standaardradiatoren niet aangepast te worden. Het elektriciteitsnet hoeft voor deze variant niet verzwaard te worden. Ten slotte worden het gasnet en alle gasaansluitingen verwijderd.

Variant S2e
Bij variant S2e wordt het gebouw verwarmd met een warmtenet gevoed door geothermiebronnen die aardwarmte leveren van 70°C of hoger. Niet overal in Nederland is bekend of de ondergrond daarvoor geschikt is. In deze variant wordt alleen gebruikgemaakt van gebieden waar voldoende informatie over de ondergrond beschikbaar is.* De gebouwen worden tot schillabel D geïsoleerd. Met dit isolatieniveau is de warmte met het temperatuurniveau van 70°C direct geschikt voor zowel ruimteverwarming als warm tapwater. Hierdoor hoeven de standaardradiatoren niet aangepast te worden. Het elektriciteitsnet hoeft voor deze variant niet verzwaard te worden. Ten slotte worden het gasnet en alle gasaansluitingen verwijderd.

Variant S2f
Bij variant S2f wordt het gebouw verwarmd met een warmtenet gevoed door geothermiebronnen die aardwarmte leveren van 70°C of hoger. In deze variant worden ook gebieden meegenomen in de berekening waarvan niet bekend is of de ondergrond geschikt is voor geothermie.* De gebouwen worden tot schillabel D geïsoleerd. Met dit isolatieniveau is de warmte met het temperatuurniveau van 70°C direct geschikt voor zowel ruimteverwarming als warm tapwater. Hierdoor hoeven de standaardradiatoren niet aangepast te worden. Het elektriciteitsnet hoeft voor deze variant niet verzwaard te worden. Ten slotte worden het gasnet en alle gasaansluitingen verwijderd.